MeshCore begrippen

Een handige uitlegpagina met woorden en termen die je vaak tegenkomt rond MeshCore en mesh-netwerken.

Handig als je net begint

Op LocalMesh proberen we dingen zo simpel mogelijk uit te leggen. Toch kom je soms woorden tegen die niet meteen duidelijk zijn. Op deze pagina leggen we de belangrijkste termen in gewone taal uit.

Apparaten en rollen

Dit zijn de woorden die je vaak ziet als het gaat over toestellen in het netwerk.

Node

Een apparaat dat meedoet aan het mesh-netwerk. Dat kan een eigen toestel zijn, maar ook een repeater op een vaste plek.

Companion

Het apparaatje waarmee je berichten leest en verstuurt. Je koppelt het meestal aan je telefoon of computer.

Repeater

Een node die berichten verder door het netwerk heen helpt sturen. Zo kan het bereik groter worden.

Room server

Een extra rol die sommige groepen gebruiken voor gedeelde gesprekken of groepscommunicatie.

Antenne

Het onderdeel dat radiosignalen ontvangt en uitzendt. Een goede antenne en een goede plek maken veel verschil voor bereik.

BLE

Bluetooth Low Energy. Dat is de draadloze verbinding tussen je companion en je telefoon.

Netwerk en berichten

Deze termen gaan over hoe berichten zich door het netwerk bewegen.

Mesh

Een netwerk waarin meerdere nodes met elkaar verbonden zijn en berichten via tussenstappen verder kunnen komen.

Hop

Eén stap van het ene apparaat naar het volgende. Een bericht kan meerdere hops maken voor het aankomt.

Scope

Bepaalt binnen welke groep, regio of limiet een bericht zich verspreidt.

Regio

Een afgesproken gebied of indeling die gebruikt wordt om verkeer en repeaters logischer te laten werken.

Direct message

Een privébericht naar één specifieke ontvanger, in plaats van een bericht voor een hele groep.

ACK

Een korte bevestiging dat een bericht is aangekomen of ontvangen.

TTL

Time to Live. Dat bepaalt hoeveel stappen of hops een bericht maximaal mag maken.

Radio en bereik

Hieronder staan termen die te maken hebben met LoRa, signaal en zendtijd.

LoRa

De radiotechniek die gebruikt wordt om berichten over grotere afstanden te versturen met weinig stroomverbruik.

868 MHz

De frequentieband die in Nederland en de rest van Europa vaak gebruikt wordt voor LoRa-apparaten.

Airtime

De tijd die één bericht op de radio inneemt. Hoe meer airtime, hoe minder ruimte er overblijft voor ander verkeer.

Duty cycle

De wettelijke limiet voor welk deel van de tijd jij mag zenden binnen een bepaalde band.

Preset

Een vooraf ingestelde combinatie van radio-instellingen, bijvoorbeeld in een flasher of configuratietool.

RSSI

Een meting van de sterkte van het ontvangen signaal. Dat zegt iets over hoe hard een node binnenkomt.

SNR

De verhouding tussen signaal en ruis. Dat helpt om te zien hoe schoon of bruikbaar een ontvangst is.

Beveiliging en software

Deze woorden kom je vooral tegen bij firmware, updates en versleuteling.

Firmware

De software die op het apparaat zelf draait. MeshCore is dus firmware die je op een node zet.

Flashen

Het installeren of updaten van firmware op een apparaat.

OTA

Over The Air. Een update die draadloos naar een apparaat wordt gestuurd.

End-to-end encryptie

Versleuteling waarbij alleen de zender en ontvanger het bericht kunnen lezen.

Public key

Een openbare sleutel die gebruikt kan worden om veilig iets naar jou te versleutelen.

Private key

De geheime sleutel waarmee jij versleutelde berichten voor jouw apparaat kunt ontsleutelen.

Goed om te onthouden

Sommige woorden worden in communities net iets anders gebruikt. Daarom houden we op LocalMesh zoveel mogelijk één duidelijke lijn aan: companions zijn er om berichten te lezen en te versturen, repeaters sturen verkeer verder door het mesh-netwerk heen.

Verder lezen?

Wil je na deze begrippenlijst meteen door naar de praktijk, kijk dan bij apparaten, MeshCore instellen of repeaters.